Previous Page  6 / 12 Next Page
Information
Show Menu
Previous Page 6 / 12 Next Page
Page Background

De raad van bestuur dacht het eerste, wij dachten het

tweede. In beide situaties zouden andere medewer-

kers boventallig worden. We besloten samen met de

raad van bestuur om een onafhankelijk adviseur te

laten oordelen. Wij kregen gelijk, het ging inderdaad

om één entiteit. Het betekende dat medewerkers

van beide locaties volgens het afspiegelingsbeginsel

opnieuw geplaatst moesten worden.”

Ad:

“Voor de collega’s in Rosmalen was dat heel zuur.

Wijchen sloot en zij voelden de consequenties. Maar

het was het enige juiste besluit. De organisatie moet

altijd zorgvuldig en rechtvaardig te werk gaan. Je kunt

niet zomaar doen wat je denkt dat goed is.”

Is de strijd met de raad van bestuur verhard, door dit

soort discussies?

Jaak:

“Ik noem het nog steeds een goed verstands­

huwelijk. We vertrouwen elkaar en discussiëren met

open vizier. Juist nu de organisatie voor fundamentele

keuzes staat, is het belangrijk dat er een stevige, profes-

sionele ondernemingsraad meekijkt. De raad van bestuur

geeft ons die ruimte. Oscar Dekker en Fred Pijls gingen

mee in ons voorstel om te luisteren naar een onafhanke-

lijk adviseur bij de discussie over het CPH, dat hadden ze

niet hoeven doen. Dat zegt genoeg over onze relatie.

Ik til zwaar aan de verkiezingen die komend jaar op

stapel staan. We hebben mensen nodig die niet terug-

deinzen voor ingewikkelde matches. Dat we van de

lijn verwachten dat zij hun medewerkers steeds meer

laten participeren in besluiten, doet daar niets aan af.

Medezeggenschap is een wettelijk verankerd recht,

dat zelden zo belangrijk was als nu.”

Over groeiruimte gesproken… De CONO-registratie

was een ander heet hangijzer in 2014.

Ludgera:

“Ook daar was sprake van een spannings-

veld tussen mensen en regels, want die hele discussie

ging eigenlijk over cijfers en declaraties. Medewerkers

die al jaren goed functioneerden, moesten zich plots

in een paar maanden bijscholen om hun werk te kun-

nen blijven doen. Aan dat landelijke besluit konden

wij niets veranderen, maar we hebben er wel voor

gezorgd dat de organisatie coulant omging met de

medewerkers die terug naar school moesten. De orga-

nisatie was zelf laat met deze aankondiging. Het was

niet meer dan redelijk, om medewerkers meer tijd te

geven – negen maanden, in plaats van zes - om een

formele erkenning te krijgen voor hun competenties.”

Jos:

“Daar staat tegenover dat medewerkers er zelf

ook wat voor over moesten hebben. De opleidingen

kosten de organisatie veel geld en zonder CONO-regis-

tratie kom je als professional nergens meer aan de bak.

Beide partijen hadden belang bij goede afspraken.”

Bij de concentratie van de Centra voor Psychisch Herstel

stonden jullie lijnrecht tegenover de raad van bestuur.

Er kwam zelfs een onafhankelijk adviseur aan te pas.

Jan:

“We hadden een juridisch verschil van inzicht,

dat grote gevolgen zou hebben voor medewerkers.

De vestiging in Wijchen zou sluiten, de locatie in

Rosmalen bleef open. De hamvraag: ging het hier

om twee onafhankelijke organisatieonderdelen die

werden samengevoegd, of ging het om één organisa-

tie waarvan één van de twee locaties werd gesloten?

6