banner-wetenschappelijkonderzoek

Banner Klik kaart

Dutch Arabic English Polish Turkish

Onderzoekers Bert ter Mors‘Er is veel belangstelling voor onze opleidingsplaatsen’

Bert ter Mors is psychiater en programmacoördinator bij het zorgcircuit Niet Aangeboren Hersenletsel in Huize Padua. Zijn promotieonderzoek gaat over de effecten van medicatie bij patiënten met Niet Aangeboren Hersenletsel. “Als ik kan bewijzen dat de medicijnen effect hebben, worden ze – immers evidence based – hopelijk wèl opgenomen in de richtlijn”.

Waar gaat je onderzoek over?
“Ik onderzoek de effectiviteit van drie medicijnen die worden voorgeschreven aan NAH-patiënten: amantadine, methylfenidaat en modafinil. Ze worden bij verschillende klachten gegeven, zoals agressie, affectieve stoornissen en apathie. Er is echter weinig tot geen wetenschappelijk bewijs of ze effect hebben.”

Hoe ziet het onderzoek er uit?
“Ik werk niet zoals gebruikelijk met een grootschalig groepsonderzoek, maar met een ‘single case experimental design’. Het is een serie van individuele onderzoeken, waarbij ik de patiënt in feite vergelijk met zichzelf.
Het onderzoek voeren we dubbel blind uit, wat betekent dat zowel de patiënt als de onderzoeker ten tijde van het onderzoek niet weet of een placebo of het medicijn wordt voorgeschreven. Dit zorgt voor een verhoogde validiteit van de onderzoeksresultaten, er is geen bewuste of onbewuste beïnvloeding.
Met de voor- en nameting duurt elke onderzoeksperiode per patiënt per medicijn tien weken. Nadat vier tot tien patiënten zijn onderzocht kan ik per medicijn iets zeggen over de werking.
De power van het onderzoek zit in het aantal metingen per individu. Via deze serie onderzoeken is het mogelijk om een prototype patiënt te identificeren die positief reageert op het medicament.”

Waarom juist dit onderwerp en deze werkwijze?
“De ‘gouden standaard’ van het groepsonderzoek (RCT) heeft tot op heden geen wetenschappelijk bewijs geleverd bij deze doelgroep. De aanbevelingen in de ‘Richtlijn voor de behandeling van neuropsychiatrische gevolgen van hersenletsel’ zijn daarom weinig specifiek en met beperkt wetenschappelijk bewijs onderbouwd. Als ik kan bewijzen dat de medicijnen effect hebben, worden ze – immers evidence based – hopelijk wèl opgenomen in de richtlijn. Daarmee zullen ze breder ingezet worden in het veld en daar gaat de levenskwaliteit van NAH-patiënten mee omhoog.
Ik hoop in mijn proefschrift ook aan te tonen dat het ‘single case experimental design’ een aanvulling kan zijn op groepsonderzoek, ik zou graag zien dat deze methode vaker wordt gebruikt.”

Hoe is het onderzoeksklimaat bij NAH?
“We zijn een van de weinige NAH-centra in Nederland en we doen ons best om dat te doen wat wij belangrijk vinden voor onze doelgroep. Het is moeilijk, maar inspirerend, en we zijn steeds gericht op verbetering en ontwikkeling. Onderzoek is daar een instrument voor en onderdeel van. Hoewel we primair ingesteld zijn op specialistische patiëntenzorg hebben we inmiddels een onderzoeksinfrastructuur. Het onderzoek wordt in alle geledingen binnen het circuit gedragen en iedereen heeft daarin zijn aandeel, zoals ook blijkt uit ons jaarlijks intern symposium over onderzoek.
We streven naar het predicaat topklinische zorg en wetenschappelijk onderzoek hoort daarbij. Ik vind het leuk om jonge mensen in het vak te begeleiden en hen te inspireren tot het doen van wetenschappelijk onderzoek. Ik merk dat er veel belangstelling is voor onze opleidingsplaatsen.”


Bert ter Mors

Typerend: ‘Ik ben kritisch, dus overtuig me met goede argumenten’

Ambitie: NAH als een topklinisch circuit neerzetten en overdragen

© 2014 GGZ Oost Brabant | Disclaimer ISO9001

Ga naar boven